Verslag van Tramore – Dublin

Route: Vanuit Tramore de R682 en de N25 richting Waterford volgen, daarna de N9 richting Kilkenny en de N10 tot in Kilkenny. Na de stadswandeling de N10 op richting Dublin. Bij Paulstown gaat de N10 over op de N9, bij Castledermot een binnendoor weg richting de N81 en Baltinglass. De N81 blijven volgen tot de afslag naar de R756 naar de Wicklow Mountains National park. Na de Wicklow National park de R755 op richting Diamond Hill en Enniskerry. Bij Enniskerry zijn de tuinen van Powerscourt te bezichtigen. Dan de N11 op richting Dublin. Bij exit 17 neem we de M50 dat is de randweg van Dublin om zo bij ons Hotel te komen. (plm. 240 Km)

Verslag: We staan om 7.00 uur op. Was gisteren avond mooi met de live muziek. Niet Iers maar toch. 7.30 uur ontbijt. Als we beneden komen is het heel druk in het restaurant. Gisteren avond is er nog een bus Amerikaanse jongeren aangekomen. Het was eigenlijk veel te druk in het kleine restaurant. Opletten dat je niet aan de kant werd gedrukt. Dan terug naar de kamer om de koffers te halen want vandaag vertrekken we naar Dublin voor de laatste 2 overnachtingen.

Om 8.30 uur vertrekken we met de bus. Nu kan iedereen een eigen bankje nemen zo royaal is de bus met de zitplaatsen. We rijden vandaag eerst naar Kilkenny voor de bezichtiging van een van de mooiste kastelen van Ierland volgens velen. We laten ons verrassen. We hebben alleen buiten het kasteel foto’s gemaakt. Hebben hier geen rondleiding gedaan. Dan de stad in om Kilkenny te verkennen. Overal zie je je medereizigers later op terrasjes zitten. We hebben een kleine plattegrond van de stad en zo weten we waar de bezienswaardigheden zijn. Eerst lopen we naar Saint Canice’s Cathedral. Sint Canice is ook degene die de stad zijn naam gaf, het Ierse Cill Chainnigh betekent Kerk van Canice. Bij het Rote House treffen we Trees aan. Ze heeft net een cadeautje gekocht voor wie de beste limmerick heeft geschreven. Rote House is in 1594 gebouwd. Bij het Kytelers Inn moeten we naar binnen als we een foto willen maken van een heks. Deze zit in de Kelder verteld trees ons. Op naar Kytelers Inn. De kelder in en ja hoor daar zit ze (foto’s 18 en 19). We lopen terug naar het kasteel en maken daar nog enkele foto’s in de tuin van de fontein. Even picknicken en dan terug naar de bus.

Iedereen in de bus en verder. Als Trees een cd draait en er komt een bekend liedje dan zingt iedereen mee. Je kunt ook zien dat de vermoeidheid af en toe toeslaat. Menig schoonheidsslaapje word er in de bus gedaan (foto 20). We komen door het Wicklow Mountains National Park. Hier stoppen we zodat er nog enkele foto’s gemaakt kunnen worden. In Glendalough stoppen voor toiletpauze en foto’s. Glendalough ligt ongeveer 40 kilometer ten zuiden van Dublin en is bekend vanwege de ruïnes van een kloostercomplex dat hier in de zesde eeuw door Saint Kevin is gesticht. Het kloostergebied ligt niet rechtstreeks aan het meer en was oorspronkelijk omgeven door een muur; de poort staat nog overeind, uniek voor Ierland. In 1066 werd een round tower van 33 meter hoog gebouwd op het kloostergebied (foto 35). Het doel van dit type torens is nog steeds niet eenduidig. Theorieën variëren tussen een klokkentoren, opslag voor waardevolle spullen tot een schuilplaats ter bescherming van de Vikingaanvallen. Een goed bewaarde kapel uit de elfde eeuw kreeg bij de opgravingen in het dal de naam St. Kevin’s Kitchen (St. Kevins keuken), omdat de toren deed denken aan een schoorsteen ( foto 34). Dit plaatsje ligt op de route waar ook opnames zijn gemaakt voor de film Brave Heart

Als we verder gaan verteld trees dat ze een telefoontje heeft gehad vanuit Dublin. Het gaat niet door vanavond (Riverdance). Jammer. Wel is het mogelijk om vanavond met de stadbus naar een pub te gaan. Trees weet wel een adresje waar muziek en dans is. We rijden richting Roundwood. Dit plaatsje ligt 238 meter boven de zeespiegel. Het dorpje ligt het hoogste van Ierland. We rijden door naar de tuine van Powerscourt die ten zuiden van Dublin liggen.

Als we hier uitstappen loopt Trees voorop zodat ze de kaartjes voor ons koopt. We krijgen tevens een platte grond van de tuin en een beschrijving over de tuin. De naam Powerscourt is afkomstig van de Noormannenfamilie de La Poer die hier rond het jaar 1300 een kasteel bouwde. In 1603 schonk Koning James I aan een van zijn generaals (Sir Richard Wingfield) het landgoed Powerscourt. De Wingfield familie werden de Burggraven Powerscourt en creëerden het grootste deel van wij vandaag zien. De tuinen worden onder de mooiste tuinen van Europa gerekend. In 1961 verkocht de 9de Burggraaf het overgebleven gedeelte van het onroerend goed aan de Powerscourt trust. In de financiering van het onderhoud van de tuinen wordt nu voorzien door de entreegelden van de duizenden mensen die elk jaar op bezoek komen. De geschiedenis van dit landgoed begint meer dan duizend jaar terug. Gedurende de eeuwen veranderde het regelmatig van eigenaar. In 1841 werd de tuin door Daniel Robertson aangepast. Hij legde de hogere terrassen aan waardoor een zeer formeel geheel tot stand kwam. Een Schotse architect legde lagere terrassen aan. De onderste terrassen werden door Lord Powerscourt zelf voltooid. Later werd de tuin nog vele malen veranderd. Bij de ingang vindt men een laan van Araucaria’s (Slangedennen). Vanaf de bovenste terrassen heeft men een geweldig uitzicht over de tuin en het landschap op de achtergrond. Het huis werd in 1974 door brand verwoest maar is inmiddels herbouwd. Er is verder een Japanse tuin en er zijn rozenborders. Kijk ook eens naar de “Perspective Gate”, een prachtig gietijzeren hek, uitgevoerd in goud en zwart. Het is afkomstig uit de Bamberg kathedraal uit Duitsland. Van het Engelse hek aan het einde van de borders met overblijvende planten vermoedt men dat het voor een Koninklijk Paleis gemaakt werd. De emblemen van England(roos), Ierland (de Shamrock), Schotland (de distel) en Wales (de prei) zijn erin verwerkt (foto51). Alles bij elkaar een zeer statige tuin.Er zijn verschillende bezienswaardigheden in de tuin. Italian Garden foto’s 38, 39, 40), Tower Valley (foto’s 41, 42), Japanese Garden (foto’s 43, 44), Winged Horses (foto 47), Triton Lake (foto 45), Pets Cementery (dieren kerkhof) (foto 48), Dolphin Pond (foto’s 49, 50), Walled Garden (foto 51), Monument voor Lady Julia (foto 52)en de rozen aan weerszijden van het monument (foto’s 53 en 54). De rozen ruiken heerlijk. Dan begint het te regenen. Nog snel enkele foto’s en naar binnen. We eten nog even iets, naar het toilet en om 16.45 uur weer de bus in.

We gaan op weg naar Dublin. Ankie heeft een cd gekocht van de Riverdance. Zo hebben we toch het gevoel iets van de Riverdance te hebben meegemaakt. Trees draait hem zodat iedereen kan genieten. Als we bij het hotel aankomen even inchecken en naar de kamer. Het Tara Towers Hotel. Om 19.00 uur aan tafel. De bedoeling is dat we om 20.30 uur samen gaan stappen voor degene die mee willen. Trees gaat ook mee. Voor het hotel is de bushalte en voor € 1,50 gaan we op weg. We stoppen bij het eindpunt voor de bussen. Vanaf hier lopen we samen met Trees naar een leuke pub. Bij een loopt Trees naar binnen maar nee dit is niks zegt ze. De volgende is goed. Hier naar binnen waar volop muziek is. De stemming in onze groep zit direct goed erin. We horen later dat er tussen 22.00 uur en 22.30 uur een dansgroep komt. Nou dat was leuk. Riverdance in het klein. Om 22.45 uur wordt er besloten om terug te gaan naar het hotel. Even kijken en navragen en we weten waar we kunnen opstappen. Als we boven in de bus zitten begint Trees (perse vooraan) als een volleerde reisleidster uitleg te geven waar we zijn. Maar Trees in het donker zien wij niet veel. Was wel lachen. Trees had waarschijnlijk alweer heimwee naar haar stoeltje. Het was gezellig geweest die avond. De moeite waard.